Architecturale- en binnenhuiskunst

 Profiel

Je verdiept je verder in de wereld van architectuur en design. Je leert omgaan met de complexiteit van de ruimtelijke problematiek en de ruimtelijke vraagstukken.

Je plant en organiseert zelfstandig je leerstof, opzoekwerk en taken, je verwerkt inzichtelijk grotere gehelen.

Voldoende basis voor wiskunde is belangrijk want je krijgt ook ruimtemeetkunde.

De lessen kunstgeschiedenis en kunstinitiatie, de meerdaagse cultuurreizen en tentoonstellingsbezoeken ondersteunen en verrijken je persoonlijk werk.

De projectwerking wordt verder uitgediept: je krijgt een basispakket en atelieruren.

In deze afdeling evolueer je stilaan van vrij abstracte opdrachten naar realistische en grotere projecten.

In het zesde jaar staat een langer project op het programma: de Geïntegreerde Proef (GIP) met één boeiend thema. Tussentijdse evaluaties sturen je bij. Het belangrijkste moment is natuurlijk de eindbeoordeling door een jury van interne en externe vakspecialisten.

 

 Inhoud van de specifieke vakken

Wat de algemene vakken betreft, gaat er in de richting architecturale en binnenhuiskunst extra aandacht naar het vak wiskunde naast de andere algemene vakken zoals kunstgeschiedenis. De artistieke vorming wordt onderverdeeld in 4 pijlers.

In de eerste pijler: “ontwerp” komen opdrachten rond architectuur en interieur, meubel- en objectdesign en tuinen landschapsarchitectuur aan bod. Aanvankelijk ontwerp je eenvoudige ruimtelijke objecten zoals een bushalte, een kinderkamer, een caravan. Daarna volgen complexere ontwerpopdrachten zoals een cafetaria, een jeugdhuis, een lichtarmatuur of een kleine theaterzaal.

De tweede pijler “kunst en cultuur” wordt vooral belicht in het vak kunstinitiatie. In dit vak leren we architectuur,interieurarchitectuur en design uit het heden en het verleden bekijken, begrijpen en interpreteren. Daarnaastkomt deze pijler ook aan bod in het vak “ontwerp” door de studie van diverse leef- en woonvormen, de menselijke factor en maat, woonnoden en behoeften, circulatie, enz.

De derde pijler is het vak “wetenschap en techniek”. Hierin behandelen we de basis van ruwbouw- en meubelconstructie en materialenleer. Je verwerft inzicht in de constructie van gebouwen en objecten en je leert de eigenschappen van belangrijke materialen beter kennen. Deze kennis wordt ook toegepast in de pijler “ontwerp”.

De laatste pijler “waarneming en voorstelling” is verdeeld in 2 vakken: tekenen met de vrije hand (waarnemingstekenen, voorstellingstechnieken,…) en digitaal tekenen (computertekenen). Je leert dus je ontwerp voor te stellen door te tekenen met de vrije hand, door exact te tekenen met pen en papier, door maquettes te maken of door de computer te hanteren.

Je werkt dus aan een artistiek en creatief proces. Je leert omgaan met technieken, constructie en materialen, en je experimenteert ermee. Die kennis moet je op een zelfstandige manier gebruiken om grotere opdrachten tot een goed einde te brengen. In het vak “ontwerp” pas je je opgedane kennis toe, je neemt zelf creatieve beslissingen, je ontwikkelt je eigen taal, je leert er zelfstandig te werken en zelf keuzes te maken, je ontdekt je eigen mogelijkheden.

Je kan er misschien wel je keuze voor het hoger onderwijs in vinden.

 

 Toekomstmogelijkheden

Na de studierichting Architecturale en binnenhuiskunst zijn de voor de hand liggende opleidingen professionele bachelor in interieurvormgeving en architectuurassistentie, bouw e.a. De richting interieurarchitect (bachelor en master) is mogelijk mits een bijzondere motivatie en bijscholing voor wiskunde. Ook opleidingen als landschaps- en tuinarchitectuur, conservatie en restauratie, juweelontwerpen/zilversmeden, ... behoren tot de mogelijkheden.

Je kan ook kiezen voor een professionele bachelor in de Beeldende vormgeving, in de grafische en digitale media, in de fotografie en in kleuter, lager of secundair onderwijs. Opleidingen in de verzorgende en maatschappelijke sector behoren zeker ook tot de mogelijkheden.